WMC groeit in werkhaven uit jasje

0

Het kennis- en testcentrum voor windmolenbladen en andere turbinematerialen WMC op Waterpark Wieringermeer in werkhaven Oude Zeug groeit uit zijn jasje. Doordat er steeds meer windmolenparken op zee komen en (offshore) turbines groter worden, is de WMC-hal aan de boorden van het IJsselmeer in Wieringerwerf eigenlijk te klein.

,,Onze loods, waar we als enige in Nederland vermoeidheids- en sterkteproeven op prototypes van windmolenbladen en materialen uitvoeren, is 66 bij 28 meter’’, vertelt algemeen directeur Ben Hendriks (52).

,,Bij de bouw leken die afmetingen heel groot, de realiteit nu is dat het te krap is geworden. Wanneer je bedenkt dat de nieuwste generaties bladen ruim honderd meter lang worden, kun je aanvoelen dat we hier te weinig ruimte hebben’’, zegt hij. ,,Laatst hadden we al een klant, van wie een blad naar buiten stak. We moesten de deur open houden, omdat het binnen gewoon niet paste. Groeien we niet mee, dan lopen we een markt mis en gaan we onze uitstekende concurrentiepositie nooit behouden.’’ Voor toekomstige uitbreiding liggen meerdere scenario’s klaar. Verlenging van de huidige loods, aanbouw en nieuwbouw worden overwogen. Bij de gemeente Hollands Kroon is reeds vergunning aangevraagd.

Overname

,,Omdat we stevig moeten investeren, zijn we contact gaan zoeken met commerciële partners in de branche. Die speurtocht is geëindigd in een overname’’, doelt Hendriks op de meest recente ontwikkeling.WMC is sinds vorige week eigendom van het Deense bedrijf LM Wind Power, onderdeel van GE Renewable Energy Business. De overname door deze fabrikant geeft WMC meer financiële armslag en heeft geen gevolgen voor personeel: de 23 medewerkers in Wieringerwerf kunnen aan de slag blijven. ,,Sterker, de verwachting is dat er eerder banen bij komen’’, stelt hun directeur. ,,We gaan straks ook rotornaventesten voor GE-windmolens doen. Om die in de hal te krijgen, is eveneens uitbreiding nodig. Die onderdelen zijn zo hoog en breed, ze passen nu niet eens door de deur.’’

Onderzoek

WMC vindt haar oorsprong in de afdeling civiele techniek van de TU Delft. Sinds 2003 is het als bedrijf richting de Wieringermeer verhuisd. ,,Het toegepaste onderzoek werd een tikkeltje te commercieel. De universiteit vond dat niet langer een activiteit die in Delft paste. Omdat de hal daar ook te klein werd, is gezocht naar een geschikte locatie aan het water’’, vertelt Hendriks, eerder werkzaam bij energie-onderzoeksinstituut ECN in Petten en sinds 2016 de baas bij WMC. ,,Hier zitten we ideaal, is aanvoer per schip prima mogelijk. Bovendien is het ECN-testpark, niet voor niets gebouwd in een van de meest windrijke delen van Nederland, dichtbij. ECN is geen klant, we hebben wel eens rekmetingen voor dat instituut uitgevoerd.’’

Meccano-onderdelen

In Europa bevinden zich vijf soortgelijke centra als WMC die nieuwe ontwerpen voor turbinebladen en -materialen mogen beproeven, keuren en certificeren. ,,We hebben testbanken waarop we krachten van een tot driehonderdduizend kilo kunnen uitoefenen. Verder zijn er verschillende proefopstellingen, die we desgewenst kunnen ombouwen. Dat zijn net Meccano-onderdelen, maar dan in het groot: met allemaal bouten, moertjes en schroeven.’’ Alles staat op en is vastgeschroefd aan een betonnen vloer van 1,20 meter dikte. Daaronder bevindt zich nog een (opslag)kelder met gewapende betonmuren. ,,Wanneer zich hier in de buurt ooit een ramp voltrekt, maak je hier onder in het gebouw sowieso een aardige kans om die te overleven’’, zegt Hendriks glimlachend en met een knipoog.

Om de meest uiteenlopende omstandigheden na te kunnen bootsen, heeft WMC een klimaatkamer waarin temperaturen van min tachtig tot tweehonderd graden Celsius kunnen worden bereikt. ,,Want ook als je windmolenparken op zee in de buurt van Spanje hebt, wil je zeker weten dat het materiaal het daar ook blijft doen.’’

Treinrails

Tussen de bedrijven door, als het normale werk het toelaat, krijgt het testcentrum regelmatig andere opdrachten. ,,Zo hebben we bijvoorbeeld verbindingen in stalen fundatiepalen voor de offshore en treinrails onder handen gehad’’, vertelt de directeur. Ook materialen voor brug- en sluisdekken, composiettanks en -buizen voor de gas- en olie-industrie, bladen voor een soort gyrocopter (vliegende auto) plus scheeps- en jachtbouw zijn door WMC beproefd. ,,We hebben de faciliteiten, dus als er ruimte en capaciteit is: waarom niet? We kunnen hier alles wat groot en zwaar is testen en daar enorme krachten op uitoefenen. Als we daarbij andere klanten van dienst kunnen zijn, zullen we dat zeker niet laten.’’

Bron:NHD